Maandenlang wordt het kabinet verweten geen meters te hebben gemaakt. Al die tijd was er enkel geruzie en zou het kabinet verder niets doen. Maar daar is niets van waar. Het kabinet-Schoof heeft al tientallen wetsvoorstellen naar de Tweede Kamer gestuurd, maar de achterstand van de Kamer maakt het dat deze nog niet in behandeling zijn genomen. Zo heeft minister Eddy van Hijum van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aankomende week de stemming over een wetsvoorstel omtrent arbeidsmigratie. Maar ook minister Marjolein Faber van Asiel en Migratie heeft niet stilgezeten. Dit staat er in de asielwetten van minister Faber.
Met de stille trom werden de wetsvoorstellen naar de Kamer gestuurd. Op 7 maart, nadat de ministerraad de asielwetten van Faber ongewijzigd goedkeurde, stuurde minister Faber ze naar de Tweede Kamer. Het betreft de ‘Wet invoering tweestatusstelsel’ en de ‘Asielnoodmaatregelenwet’. Deze wetten moeten het ‘strengste asielbeleid ooit’ een enorme stap dichterbij brengen, maar wat staat er dan precies in?
Beide wetsvoorstellen zijn in feite wijzigingsvoorstellen. Beide wetten wijzigen de ‘Vreemdelingenwet 2000’. Delen van de wijzigingen waren al aangekondigd en ook door PVV-leider Geert Wilders geparadeerd als wapenfeiten van dit kabinet, maar andere delen waren nog onbekend.
In de opening spraken we al over dat er tientallen wetsvoorstellen naar de Tweede Kamer gestuurd zijn. Laten we dat iets concreter maken. Op het moment van schrijven, 11 april 2025, liggen er 42 wetsvoorstellen bij de Tweede Kamer die afkomstig zijn van het kabinet-Schoof. Van die 42 zijn 38 in ‘voorbereiding’. Deze voorstellen zijn dus ingediend, maar fracties krijgen nog de tijd deze door te lezen en zich voor te bereiden op een plenair debat. 3 wetsvoorstellen zijn momenteel in de debatfase en één enkel voorstel is in stemming. Dat is de ‘Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten’ van minister Van Hijum (NSC). Deze wet legt beperkingen op aan arbeidsmigratie.
Zijn er al resultaten?
Voordat we de twee wetsvoorstellen gaan bespreken is het handig om te kijken of er al effecten van dit kabinet meetbaar zijn. Onder dit kabinet van PVV, VVD, NSC en BBB, onder leiding van minister-president Dick Schoof, is de asielinstroom gehalveerd en zijn er afspraken gemaakt met hogescholen en universiteiten, waardoor de studiemigratie ook al zeer is ingedamd. Niet zozeer relevant aan migratie is er ook het resultaat dat de Nederlandse taal weder de norm wordt in het hoger onderwijs en op universiteiten en dat de studiemigratie wordt beperkt. Dat laatste werd al bekendgemaakt afgelopen oktober.
Dalende asieltrend
Ook als we kijken naar het aantal eerste asielaanvragen is een goede trend te zien. In 2023 vroegen 38.380 mensen voor het eerst asiel aan in Nederland. In 2024 waren dat 32.180. Het eerste halfjaar van 2024 hadden we nog te maken met kabinet-Rutte IV. Als we dan de maanden pakken waar kabinet-Schoof volledig aan de macht was, zien we dat in die tijd 12,8 duizend mensen voor het eerst asiel hebben aangevraagd. Dat is grofweg 40 procent van de totale aanvragen afgelopen jaar. Als we de maandelijkse trends erbij pakken, zien we een positiever beeld. Het aantal eerste aanvragen per maand loopt al sinds september af.
In september 2024 vroegen 2930 mensen voor het eerst asiel aan, maar in februari (de laatste maand waarvoor de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) cijfers online heeft) was dat nog maar 1550. Dat is een daling van 47 procent. Ook de trend als het gaat om nareizigers daalt sterk. Er zijn dus zeker wel resultaten van het huidige kabinet, maar deze worden dus niet breed uitgemeten. De kritiek die ik heb op dit kabinet is dus dat ze te weinig tentoonspreiden wat ze daadwerkelijk doen. Het is ook van belang dat, door de nieuwe asielwet, Nederland weer ademruimte krijgt.
Traag proces
Waarom slaat het kabinet niet op de trom met de wetten en resultaten die ze al geboekt hebben. En waarom is het zo dat niemand het kabinet hoort over de grofweg 40 wetsvoorstellen die ze al bij de Kamer hebben liggen. Waarom levert het kabinet geen kritiek op de organisatie van de Tweede Kamer over het niet spoedig behandelen van de wetgeving. Het eerste wetsvoorstel dat dit kabinet heeft ingediend was op 30 september, kort na het zomerreces en nog geen twee maanden na de beëdiging door de Koning. Deze wet werd ingediend door minister Fleur Agema (PVV) van Volksgezondheid. Om een of andere reden worden deze wetsvoorstellen (nog) niet in behandeling genomen.
Dit wijkt af van de gemiddelde duur van het wetgevingsproces (in de Tweede Kamer). Volgens een rapport van de WOCD, waarin het wetgevingsproces van een aantal landen wordt vergeleken met het Nederlandse proces, duurt het in Nederland twee à drie maanden alvorens een wetsvoorstel is aangenomen. Daarna duurt het ook nog twee maanden voordat een wet in gaat. Die termijn is vastgesteld, zodat er niet een plotselinge verandering plaatsvindt, waar niet op voorbereid kon worden door de gemiddelde Nederlander. Alsnog duurt het bijzonder lang. De vragen komen op waarom wetten, ingediend in september, nog niet behandeld zijn. De Kamer, fracties of organisatie, houdt hiermee het kabinet tegen. Zij torpederen de wil van de kiezer, zoals uitgesproken in november 2023.
Asielnoodmaatregelenwet
Het is een lang woord, bijna naar Duits model, maar de Asielnoodmaatregelenwet is een nodige aanpassing van de Vreemdelingenwet 2000. Minister Faber heeft deze wet ingediend op 7 maart. Ze probeert hiermee bepaalde wijzigingen en bevoegdheden door te voeren om de instroom te beperken. Zo wordt bijvoorbeeld de Verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd afgeschaft. Wat gebeurt er met de verblijfsvergunning bepaalde tijd? Die wordt ook op de schop genomen. In het voorstel van minister Faber wordt de geldigheidsduur daarvan ingekort van vijf naar drie jaar.
Kijkend naar de laatste cijfers welke ik kon vinden waren er in november 2023 26.540 mensen met een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd. In het geval dat de wetswijziging erdoor komt, betekent dat dus dat deze mensen een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd moeten aanvragen, of zullen moeten vertrekken. Volgens de jaarcijfers van de IND uit 2023 was er een inwilligingspercentage van 81 procent voor verblijfsvergunningen onbepaalde tijd. Naast een wijziging van de wet, waardoor die vergunning verdwijnt, moet er dus ook een aanscherping zijn bij de IND ten opzichte van Rutte IV.
In 2024 was het inwilligingspercentage ongeveer 88 procent. Daarbij moet wel een kanttekening worden gemaakt. Onder vergunningen voor studenten die naar Nederland komen ligt het percentage omtrent de 99 procent, maar voor asielaanvragen ligt dit op 58 procent. Het totaalpercentage is dus enigszins misleidend. Beide instromen zijn belangrijk om terug te dringen, maar voor de veiligheid van ons land geeft studiemigratie een klein risico.
Verder scherpt Faber in haar asielwetten de Vreemdelingenwet aan door extra bevoegdheden te geven. ‘Onze Minister’, zoals het doorgaans in de wet staat geschreven, krijgt de bevoegdheid om de geldigheid van verblijfsvergunningen bepaalde tijd te verlengen. Daarmee haalt Faber de bevoegdheid deels weg bij de IND. Faber geeft haarzelf, en haar opvolgers, hiermee een machtsmiddel die zij eerder vrij beperkt hadden.
Aanscherping
De algemene tendens van de Asielnoodmaatregelenwet is aanscherping. Regels die al bestonden worden aangescherpt. Dat zien we bijvoorbeeld ook in het inkorten van de mogelijkheid om door te procederen. . Het wordt met deze wet moeilijker voor familieleden van verblijfsvergunningshouders om na te reizen.

