Er is veel te doen met betrekking tot de Staat Israël. De Joodse staat in het Midden-Oosten ligt op vele vlakken onder vuur. Zowel het letterlijke geweld van de Iraanse proxies Hamas, Hezbollah en de Houthi’s, als diplomatieke druk. En nu is daar met de recente beslissing van het Internationaal Strafhof (ICC), om arrestatiebevelen tegen premier Netanyahu en oud-minister van Defensie Gallant uit te vaardigen, ook een juridisch front mee geopend. Op de website ‘Reactionair.nl‘ verscheen een stuk stellende dat Israël alles behalve een bondgenoot is. Laat mij hier vandaag een tegenhanger presenteren.
Laat me vanaf het begin duidelijk zijn over het ICC en haar beslissing. Het zijn beide schandes voor gerechtigheid. Naast het feit dat het ICC zich toch al vaak als een politiek orgaan opstelt, is het ook een farce als instituut. Deze ‘rechtbank’ kan uitspraken doen, maar heeft zelf geen uitvoeringsmechanisme. Je kan veel zeggen van een rechtssysteem zoals de Nederlandse, maar wanneer onze rechters uitspraken doen, hebben wij daar manieren voor het uit te voeren. Een celstraf kan bijvoorbeeld worden uitgevoerd door iemand daadwerkelijk op te sluiten. Maar terwijl het ICC dus de jurisdictie heeft uitspraken te doen in dit soort gevallen, is de uitvoeringscompetentie vrijwel niet-bestaand.
Daarnaast zijn in deze beslissing drie arrestatiebevelen uitgevaardigd. Israëlische premier Benjamin Netanyahu, oud-minister van Defensie Yoav Gallant én hooggeplaatste Hamas-leider Mohammed Deif hebben in deze beslissing het bevel aan hun broeken gekregen. Met deze beslissing stelt het ICC praktisch gezien de terroristische organisatie Hamas moreel op dezelfde voet als Israël en haar gekozen leiders. Het ICC is praktisch gezien een volksgericht, een Kangaroo Court, maar dat is enigszins oneerlijk richting kangaroo’s.
De farce die ICC heet
Het ICC moet op de goede wil van haar lidstaten, de ondertekenaars van het Statuut van Rome, vertrouwen dat de uitvoerende machten daar dit soort bevelen opvolgen. Wanneer een lidstaat zich hier niet aan houdt, kan er vrij weinig gedaan worden om dit alsnog te forceren. Dit is ook waarom Russische president Vladimir Poetin alsnog naar Zuid-Afrika kan, ondanks het arrestatiebevel tegen hem dat vanwege de oorlog in Oekraïne was uitgevaardigd door het ICC. Een aantal lidstaten hebben al aangekondigd dat ze een dergelijk bevel tegen de Israëlische premier Benjamin Netanyahu en zijn oud-minister van Defensie Yoav Gallant niet zal naleven. De minister-president van Hongarije, Viktor Orbán, heeft Netanyahu al uitgenodigd zijn land te bezoeken, en heeft aangegeven dat Hongarije het bevel niet zal uitvoeren.
Ook de Argentijnse president Javier Milei heeft de beslissing veroordeeld en in respons een Argentijns-Israëlische alliantie aangekondigd. Dit terwijl Argentinië toch echt een ondergetekende is van het Statuut van Rome. We kunnen ook niet de Verenigde Staten vergeten. President Joe Biden heeft de beslissing ook veroordeeld en sommige Senatoren stellen zelfs dat als antwoord op dit bevel Den Haag moet worden binnengevallen. Dit zei een Republikeinse Senator afgelopen woensdag:
„Het ICC is een kangoeroerechtbank en [aanklager] Karim Khan is een gestoorde fanaticus. Wee hem en iedereen die probeert deze buitenrechtelijke bevelen af te dwingen. Laat me ze allemaal vriendelijk herinneren: de Amerikaanse wet over het ICC staat niet voor niets bekend als ‘The Hague Invasion Act’. Denk erover na.” — Sen. Tom Cotton (R-AR)
The Hague Invasion Act
Deze wet, eigenlijk ‘American Service-Members’ Protection Act’ geheten, staat inderdaad als de ‘Den Haag Invasiewet’ bekend in de volksmond. Echter ging deze wet niet over buitenlandse leiders die een arrestatiebevel aan hun broek krijgen, maar over Amerikanen, zoals soldaten en gekozen of aangestelde officieren van de U.S. Government. Deze wet was aangenomen om Amerikanen die door het ICC worden vervolgd te beschermen van de jurisdictie van het Hof. Deze wet geeft de president de macht om ‘alle nodige middelen’ in te zetten om personeel van de VS of bondgenoten die zijn aangehouden of gevangen gezet door, of voor het ICC, te bevrijden. Door die bijzin wordt de relevantie met dit conflict voortgebracht.
Nu weten we dat president Biden er niet bijzonder veel mee zal doen, maar president-elect Donald Trump neemt het stokje natuurlijk op 20 januari over. Het is nog maar de vraag of hij de aanhouding of gevangenzetting van ‘Bibi’ zal tolereren. Sen. Ted Cruz (R-TX), heeft al gevraagd om sancties tegen het ICC en haar aanklager Khan in te stellen. En roept vervolgens ook op verdere sancties in te stellen tegen aanklagers of autoriteiten in andere landen die dit bevel zouden uitvoeren.
Terug naar de zaak
In het artikel op Reactionair stelt auteur Jurgen van het Bolscher dat Nederland de relatie met Israël moet herzien. Hiervoor zet hij ook zijn argumenten uiteen en laat aan de hand van een aantal voorbeelden zien waarom dit volgens hem het geval moet zijn. Het start met de vergelijking tussen ‘linkse lakeien’ die de oorlog tegen Rusland steunen en de ‘rechtse vleugel en Joodse lobby’ die via het Midden-Oosten de weg plaveien naar een mogelijke Derde Wereldoorlog.
Hier zit al een beeld in verscholen dat het conflict tussen Israël enerzijds en Hamas, Hezbollah en Iran anderzijds de potentie heeft, wellicht zelfs meer potentie dan de Oekraïne-Ruslandoorlog, om uit te monden in een Derde Wereldoorlog. Dit beeld is louter absurd. Het regionale conflict in het Midden-Oosten, wat ook een proxystrijd is, heeft minimale potentie om breder in de wereld tot een gewapend conflict te komen. Hoewel de Oekraïne-Ruslandoorlog een grotere potentie vormt voor een dergelijk conflict, zie ik daar ook niet de nodige ontwikkelingen om daartoe te komen, zeker met de verkiezing van president-elect Trump in Amerika.
Het stuk op Reactionair geeft een redelijk beeld van de opinie van de auteur, met een redelijke onderbouwing op sommige punten, hoewel ik toch van mening ben dat de auteur de spijker toch flink misslaat. Ik ga de blokken uit het stuk één-voor-één langs.
I. Joods-Christelijke waarden
De auteur stelt dat de Christelijke en Joodse waarden haaks op elkaar staan. Hoewel ik als katholieke Christen het eens ben met de stelling dat het fout was dat de Joden Christus niet erkenden, betekent dat nog niet dat zij Zijn leer verwierpen. Sterker nog, als we het over waarden hebben staan de Joden zo dicht bij de Christenen, dat het bijna op een kopiereligie lijkt. Het Joodse waardensysteem heeft dezelfde oorsprong als het Christelijke waardensysteem: de Bijbel. En nog specifieker: het Oude Testament. In het Oude Testament, welke origineel in het Hebreeuws was geschreven en in het Jodendom ‘Tanach’ heet, worden de waarden uiteengezet. In het Nieuwe Testament worden die waarden vooral bevestigd.
Ook draait de auteur de rollen een beetje om. Hij stelt dat door de ‘verwerping’ van Zijn leer, Zijn vervulling van het Oude Testament en Hemzelf een nieuw en afgesplitst Jodendom ontstond. Het is echter andersom. Christendom is een afsplitsing van het Jodendom. En hoewel ik het met de afsplitsing eens ben, betekent dat niet dat we aan vervalsing mogen doen. Daarna zwaait de auteur met de Talmoed, het belangrijkste boek in het Jodendom na de Tanach (Oude Testament). De argumenten die de auteur hier maakt zijn nog te volgen, en zijn ook grotendeels terecht. Het probleem is echter dat de Talmoed al langere tijd haar invloed binnen het Jodendom heeft verloren, en dat het niet, net als de Tanach, als het woord van God gezien wordt. Het is namelijk eerder een soort discussieboek van verschillende prominente rabbijnen van die tijd. De enige groepen waarbij de Talmoed nog grote invloed heeft zijn de Orthodoxe Joden, een groep die over het algemeen ook anti-Zionistisch is.
Interessant is wel dat wanneer de vers in de Talmoed, waaraan de auteur refereert als ondersteuning van de bewering dat volgens de Joden Christus in de hel ‘in uitwerpselen kookt’, verder gelezen wordt, het duidelijk wordt dat volgens deze vers het Jezus zelf was die deze bewering maakt. Verder in de tekst valt te lezen dat er ook vrij positief gekeken wordt richting Jezus. Zo wordt er onderscheid gemaakt tussen een profeet en Jezus. Belangrijke context voor de volgende aanhaling: Gemara zijn commentaren van belangrijke rabbijnen en filosofen op de Mishna, de mondelinge uitleg van de Thora. De Thora zijn de eerste vijf boeken van de Tanach (het Oude Testament), namelijk Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium.
„[…] De Gemara merkt op: Kom en zie het verschil tussen de zondaars van Israël en de profeten van de naties van de wereld. Zoals Bileam, die een profeet was, Israël kwaad wenste, terwijl Jezus de Nazarener, die een Joodse zondaar was, hun welzijn zocht.” — Talmoed, Gittin 57a:5
In de voorgaande vers valt ook iets zeer interessants te lezen. Voor volledige context volgt de volledige vers. De enige context vooraf is dat ‘Onkelos’ de neef van de Romeinse Keizer Titus was en de man verantwoordelijk voor de verklarende vertaling van de Thora naar het Aramees.
„Onkelos ging toen en wekte Jezus de Nazarener op uit het graf door middel van necromantie. Onkelos zei tegen hem: Wie is het belangrijkst in die wereld waar jij nu bent? Jezus zei tegen hem: Het Joodse volk . Onkelos vroeg hem: Moet ik mij dan aan hen hechten in deze wereld? Jezus zei tegen hem: Hun welzijn zul je zoeken, hun ongeluk zul je niet zoeken, want iedereen die hen aanraakt, wordt beschouwd alsof hij de appel van zijn oog aanraakt (zie Zacharia 2:12 ).” — Talmoed, Gittin 57a:4
Dus naast het feit dat de Talmoed geen definitieve tekst is, maar een soort discussieplatform van toentertijd belangrijke rabbijnen, is de Talmoed relatief genuanceerd over Jezus. Terwijl het natuurlijk niet de christelijke zienswijze weerspiegelt, betekent dit nog niet dat hiermee het waardensysteem van de Joden en Christenen enorm verschilt. Als het gaat om de referenties naar Maria, in de Talmoed Miriam, is het ook nog onduidelijk of daarmee de Maagd Maria of Maria Magdalena bedoeld wordt. Er bestaat allesbehalve een consensus bij geleerden of in deze gerefereerd wordt naar de Heilige Maagd Maria of Magdalena. En daarnaast is de Talmoed al niet meer van hele grote relevantie bij de grote meerderheid van religieuze Joden.
En terwijl het klopt dat de Joodse gemeenschap assimilatie in andere landen heeft weten te voorkomen, is het ook goed om op te merken dat met de dalende invloed van de Talmoed in het postmodernistische tijdperk, ook de assimilatie van de Joden in verschillende Europese landen vergemakkelijkt werd. Zo waren bijvoorbeeld de Joden in Duitsland tegen de tijd van de Eerste Wereldoorlog volledig geïntegreerd en voelden ze zich zowel Duits als Joods. Op dezelfde manier waarop ik mij Nederlander en Christen voel. Echter is het ook nog de complexiteit dat Joods niet enkel een religieus label is, maar ook een etniciteit. Er zijn dus ook veel etnische Joden welke de Joodse religie niet volgen. Een prominent voorbeeld daarvan in de huidige tijd is George Soros of Sen. Bernie Sanders (I-VT). Maar in de tijd van de oprichting van de Staat Israël was het meest prominente voorbeeld toch wel de eerste minister-president van Israël, David Ben-Gurion.
II. Het Heilige Land
Voor de oprichting van de Staat Israël in 1948 kwamen veel Joden terug vanuit voornamelijk Europese landen richting dat gebied. Het waren niet decennia van massa-immigratie, maar decennia van Aliyah (opgang). De terugkeer, of opstijging van Joden die naar Israël remigreren. Echter kloppen de onderbouwende cijfers wel. Joden waren nadat het Koninkrijk Israël en het Koninkrijk Judea waren veroverd door het Romeinse Rijk verbannen uit het gebied. Daarna volgt echter een compleet foute constatering. Volgens de auteur vond er een etnische zuivering van grofweg 750 duizend Palestijnen plaats na de oprichting van de Staat Israël, door de auteur ‘Nakba’ genoemd. Het woord ‘Nakba’ betekent in het Arabisch iets als ‘catastrophe’ of ‘ramp’.
Daarnaast heeft er nooit een Palestijns volk bestaan. De Palestijnen, zoals we ze heden ten dage noemen, zijn eigenlijk Egyptenaren, Jordaniërs, Libanezen, Syriërs of afkomstig uit andere Arabische gebieden. Delen van deze migratie gebeurde door het Ottomaanse Rijk, wat spande van Turkije tot het uiteinde van Egypte. De naam ‘Palestina’ is een Romeins verzinsel. Na de overwinning op de Joden hernoemden de Romeinen het gebied, wat tot dat moment bekend stond als ‘Israël’ of ‘Judea’, ‘Palestina’. Maar het was nooit een eigen land, of zelfs een eigen bestuurlijke regio. Palestina was onderdeel van de provincie Syrië, soms Syrië-Palestina in het Romeinse Rijk. En ook in het Ottomaanse Rijk was het geen eigen entiteit. Toen was het onderdeel van de provincie Zuid-Syrië. Op die manier gekeken heeft een provincie als Drenthe meer bestaansrecht als eigen land dan de fictie die Palestina heet.
Maar dan toch even het punt van etnische zuivering. Na de oprichting van de Staat Israël in 1948 verklaarden de omringende Arabische landen de oorlog op de jonge staat. Op aandringen van Arabische leiders vertrokken vele Arabieren uit het gebied wat nu Israël is. Er zijn ook oorlogsslachtoffers gevallen, natuurlijk, dat is onvermijdelijk. Maar om te zeggen dat Israël deze groep etnisch gezuiverd heeft is absurd. Etnische zuivering heeft namelijk het element in zich dat de uitgevoerde zuivering ook daadwerkelijk met opzet moet zijn ondernomen. Datzelfde geldt voor de term genocide. Beide termen zijn louter juridische termen om een (oorlogs)misdrijf te omschrijven. In beide gevallen is ‘opzet’ een van de belangrijkste bouwstenen van de misdaad. In het geval dat het niet met opzet is uitgevoerd, betekent dat op zijn minst dat deze twee misdrijven niet kunnen worden verweten aan de strijdende macht. Dat betekent niet dat zij van alle verantwoordelijkheid worden ontheven.
Na de val van het Ottomaanse Rijk tijdens de Eerste Wereldoorlog werden de gebieden onder haar controle verdeeld in mandaten van de Volkenbond, de voorloper van de Verenigde Naties. Het gebied wat nu bekendstaat als Israël-Palestina werd op dat moment het Mandaatgebied Palestina onder de leiding van de Britten. Dit mandaatgebied hield in het begin ook de controle over Transjordanië. De eerste belofte die was gemaakt voor een Joodse staat werd gemaakt in de Balfour Declaration in 1917, drie jaar voor de oprichting van het mandaatgebied en 31 jaar voor de oprichting van de Staat Israël. In deze belofte zat verscholen dat er in dat gebied een nationaal tehuis voor het Joodse volk zou worden gevestigd. Transjordanië zou voor het evenwicht een Arabische staat worden. En Jordanië werd dat ook, maar Israël werd nog niet opgericht. De Arabieren hebben elk voorstel voor ook maar het kleinste strookje land afgewezen. De Joden aan de andere kant accepteerden elk voorstel wat ze ook maar iets van land zou opleveren.
Na de eeuwen van onderdrukking en de genocide tijdens de Tweede Wereldoorlog hadden de Joden er genoeg van en wilden ze een eigen staat. De voorkeur ging uit naar het beloofde land, maar in de praktijk hadden ze elk stuk land wat verdedigbaar was geaccepteerd als zijnde een Joodse staat. Het Jodendom was de enige grote religie die geen eigen staat had. Er zijn op dit moment 57 Islamitische landen op de wereld, het Christendom telt er 157 waar de religie de meerderheid vormt en 15 waar het daadwerkelijk de staatsreligie is, waaronder Denemarken, Griekenland en Engeland. Het Jodendom telt er één. Nu zijn er ook een stuk minder Joden dan Christenen of Moslims, maar er is een probleem wanneer het bestaansrecht van andere landen niet zomaar in twijfel wordt getrokken, maar het bestaansrecht van de enige Joodse staat op elke straathoek nieuwe twijfels te horen krijgt.


