De Zoetermeerisering van Nederland

over Stroe City, en andere groeikernen

Wij Nederlanders hebben sinds jaar en dag te maken gehad met een immense bevolkingsgroei. Waar we in 1900 nog ongeveer 5 miljoen inwoners hadden, en in 1950 10 miljoen, hebben we in 2022 te maken met 17,5 miljoen inwoners. Dit aantal inwoners hebben we te verdelen over ongeveer 41.500 vierkante kilometer, wat ervoor zorgt dat we gemiddeld 424 Nederlanders per kilometer moeten verspreiden.

Vergelijk deze bevolkingsdichtheid maar eens met andere landen.

Frankrijk114/km²
Duitsland233/km²
België380/km²
Verenigd Koninkrijk271/km²
Verenigde Staten34/km²
Bron: Verenigde Naties

Nederland is, met uitzondering van de microstaten Vaticaanstad, San Marino en Monaco, verreweg het meest dichtbevolkte land van Europa.

Ruimte, zo weet iedereen, is een groot goed. En in ons prachtige land is dat maar al te waar. We moeten goed omgaan met elke vierkante meter, en nadenken bij elke straat en elk plein. Het is daarom ook zo dat urban planning big business is in ons vaderland. Nederlanders zijn heer en meester in het zorgvuldig uitplannen van de werkruimte. Steden zoals Almere, Lelystad maar ook Zoetermeer en Spijkenisse moesten volgens de Eerste Nota Ruimtelijke Ordening en Tweede Nota Ruimtelijke Ordening uitbreiden. In deze nota’s stond dat de bevolkingsgroei van de grootste steden gelijker over kernen moesten worden verdeeld, zodat deze steden niet te veel zouden uitpuilen. Reeds zouden er groeikernen worden aangewezen, die het centrum zouden worden van het stedelijke bevolkingsoverschot. Kleine dorpen, die voorheen uit misschien uit duizenden mensen bestonden, groeiden binnen tientallen jaren tot middelgrote steden met ziekenhuizen, treinstations en winkelcentra. Waar deze groeikernen snel voor capaciteit zorgden, groeide de stad niet organisch mee. In plaats van groei die geleidelijk gaat en tientallen jaren duurt, werden er Vinex-wijken uit de grond gestampt. Geplande wijken, met in de kern een gepland winkelcentrum, en allemaal dezelfde soort huizen met een zielloze architecturale stijl. In de seculiere Lage Landen was er geen ruimte meer voor de ziel, alles moest sober en praktisch. Niets werd aan het toeval overgelaten, planning speelde de eerste viool. De groeikernen kregen planwijken, met planstraten, waarin de brave planburgers in hun planauto’s vanaf hun planhuizen naar hun planwerk reden. Vaak kon er ook nog wel aan de rand van deze wijken een stukje groen vanaf, een plan-tsoen. Mits deze elke maand netjes gekortwiekt werd.

Een Vinex-wijk, het paradijs van middelmatigheid

En zo geschiedde. De brave middenklasse, die hun dagen slijten op kantoor en daar modaal of net bovenmodaal verdienen, betrokken deze wijken. Ze namen er een kind, en als ze in een wilde bui waren, twee. Eventueel een huisdiertje, niet meer. Voor de lagere klasse gold een ander verhaal, voor hen herrezen er flatgebouwen, grijze muren van tientallen meters hoog en soms wel een halve kilometer lang. Ook de allochtonen betrokken zich en masse in dit soort gebouwen. Dit was onder andere te zien aan de antenneschotels, waarmee ze in hun appartementjes nog wel Turkije 1, 2 en 3 konden ontvangen. In deze wijken is de criminaliteit nooit ver te zoeken, en wonen veel bijstandsgezinnen. Duizenden mensen opgepropt in een enkel blok, het is duidelijk dat we een ruimtegebrek hebben.

Bijlmerflats, Amsterdam

Edoch heeft de Nederlandse regering er geen enkele moeite mee om de immigratiekraan open te blijven houden. In deze tijden waar iedereen en zijn moeder op zoek zijn naar een betaalbare starterswoning, lijkt het rationeel om terughoudend te zijn op immigratie, en eerst in te zetten op voldoende huizen bouwen voor de mensen die nu zoekende zijn. Het is dweilen met de kraan open, zoals een zekere heer Fortuyn 20 jaar geleden al zei. Dan ken je de Nederlandse regering nog niet. Onder het beleid van Mark Rutte is het netto migratiesaldo alleen maar gestegen over de jaren. In 2021 kwamen er 108.275 nieuwkomers in ons land wonen, vergelijkbaar met een stad als Alkmaar, die er elk jaar bijkomt. Concreet zou dit betekenen dat we elk jaar een nieuw Alkmaar uit de grond moeten slaan om ook maar bij te blijven bij de huidige migratiegetallen. En dat lukt ons steeds maar niet. De bevolking van Nederland is in groei. In 2021 hadden wij te maken met een totale bevolkingsgroei van 116.000 man. Migratie is voor 93,1% verantwoordelijk voor deze groei. Geen verrassing, aangezien het Nederlandse geboortegetal erg laag ligt, op gemiddeld 1,57 geboorten per vrouw. Dit is onder het aantal dat nodig is om een bevolking op peil te houden, exclusief immigratie.

Enfin, we hebben dus te maken met een grote bevolkingsgroei in een toch al krap land, en aangezien de politieke wil er niet is om de migratiestroom enigszins in te dammen, zoekt de politiek naar een andere oplossing. Ziehier de boerenstand in Nederland. De boeren zijn grootgrondbezitters, en op deze grond verbouwen zij hun gewassen. Een interessante actor voor de regering, ze zouden namelijk dolblij zijn met wat van hun grond. Op deze grond kunnen er weer lelijke plansteden gebouwd worden, om al die 116.000 mensen te huisvesten. Het doel, hoewel verbloemd met een stikstofprobleem dat buiten de bureaucratie geen hout snijdt, is het verkrijgen van meer groeiruimte, meer Lebensraum, if you will.

De provincie Gelderland dacht even het voortouw te nemen, ware het niet dat een document uitlekte. Een bestemmingsplan voor het Veluwegebied kwam onder ogen van het publiek, met bijvoorbeeld een toevoeging van 4000 woningen tussen Nijkerk en Amersfoort, en nog eens 4000 woningen bij Hoevelaken. Maar het opmerkelijkst is het plan voor het kleine dorp Stroe in de gemeente Barneveld, wat hedendaags bestaat uit slechts 1.670 inwoners. In het plan zou het dorp moeten uitbreiden met 25.000 woningen. Laten we even rekenen. Als er starters in deze huizen komen te wonen, die anderhalf kind krijgen, dan heb je dus te maken met 3,5 inwoners per huis. Concreet zou dat dan wijzen op een stad dat bestaat uit meer dan 89.000 inwoners. Te vergelijken met een stad als Hilversum. Stroe City, werd het plan ook wel genoemd. Ophef volgde, niet alleen onder sympathisanten van de boerenprotesten, maar ook door de gemeente Barneveld zelf, die laaiend op het nieuws reageerden, ze waren hierover immers niet ingelicht. Hierdoor liet de provincie weten dat he allemaal een fout was, en dat het bestemmingsplan eigenlijk helemaal niet bestond. Yeah right.

De inmiddels ingetrokken kaart van het provinciebestuur Gelderland

Kleine en lokaal gerichte dorpen moeten plaatsmaken voor groeikernsteden zonder enige ziel of karakter, met straten die evenveel vormen hebben als een ruitjesblouse, waaraan duizenden precies dezelfde huizen worden gebouwd. Alles gestandaardiseerd, alles gefabriceerd. Alles om maar aan de destructieve migratiestromen te kunnen blijven voorzien. De gewone Nederlander blijft over, ontheemd in zijn eigen land, omringd met modernistische gebouwen die slechts functie kennen, en op geen enkele manier te onderscheiden zijn met de modernistische gebouwen die overal op de wereld in opbouw zijn. De cultuur en identiteit, verdund en verdwenen, plaatsgemaakt voor een kosmopolitische eenheidsworst. Alles in de naam van de eeuwige eenwording, gesterkt door economische belangen.

De ontheemde mens is de beste werkmier.

%d bloggers liken dit: